Pseudo-eindheffing vanaf 2027: wat betekent dit concreet voor jouw bedrijf?
3 minuten leestijd

De pseudo-eindheffing is zo’n maatregel die in eerste instantie technisch klinkt, maar in de praktijk direct impact heeft op je kosten.
Vanaf 2027 krijgen werkgevers te maken met een extra belasting op zakelijke auto’s met uitstoot. En hoewel dat nog even weg lijkt, zien we dat bedrijven hier nu al op voorsorteren. Niet omdat het moet, maar omdat de financiële impact simpelweg te groot is om te negeren. De vraag is dus niet of je hiermee te maken krijgt, maar hoe en wanneer.
Jason Hogendoorn

Wat is de pseudo-eindheffing?
Vanaf 1 januari 2027 betaal je als werkgever een extra belasting wanneer je een personenauto met CO₂-uitstoot ter beschikking stelt aan een medewerker.
Het gaat om benzine-, diesel- en hybride auto’s.
De heffing bedraagt 12% van de cataloguswaarde per jaar, inclusief btw en bpm, en wordt via de loonheffing afgedragen. Belangrijk detail: deze kosten mag je niet doorberekenen aan de medewerker.
Een voorbeeld maakt het concreet:
Bij een auto van €30.000 betaal je als werkgever €3.600 extra per jaar.
Dat komt bovenop alle bestaande kosten.
Wanneer krijg je hiermee te maken?
De timing is bepalend. De pseudo-eindheffing geldt voor auto’s die vanaf 1 januari 2027 voor het eerst aan een medewerker ter beschikking worden gesteld.
Het gaat dus niet om de leeftijd van de auto, maar om het moment van inzet.
Daarnaast wordt de heffing per maand berekend. Zodra een auto in een maand ook maar één dag ter beschikking staat, telt de volledige maand mee.
Voor wie geldt deze maatregel?
De regeling geldt voor werkgevers die:
- een auto met uitstoot aanbieden aan medewerkers
- en waarbij sprake is van privégebruik
Daar zit meteen een belangrijk punt.
Woon-werkverkeer wordt gezien als privégebruik. Daardoor geldt de regeling in de praktijk in de meeste gevallen.
De pseudo-eindheffing geldt niet voor:
- volledig elektrische auto’s
- bestelauto’s (grijs kenteken)
- contracten die vóór 2027 zijn gestart (tot uiterlijk september 2030)
- zzp’ers zonder personeel
Ook bij huurauto’s of vervangend vervoer kan de regeling gelden, zodra privégebruik mogelijk is.
Hoe werkt de overgangsregeling?
Om bedrijven de tijd te geven zich aan te passen, is er een overgangsregeling.
Auto’s die vóór 1 januari 2027 voor het eerst aan een medewerker zijn aangeboden, vallen buiten de regeling tot uiterlijk 17 september 2030.
Na die datum geldt de pseudo-eindheffing alsnog voor deze auto’s. Dit maakt timing ineens een stuk relevanter dan veel organisaties nu denken.
Wat betekent dit voor jouw organisatie?
De impact zit vooral in de optelsom. Bij één auto lijkt het overzichtelijk. Bij een wagenpark wordt het snel substantieel.
Heb je bijvoorbeeld tien auto’s van €30.000, dan praat je over €36.000 extra kosten per jaar.
Dat heeft invloed op:
- je mobiliteitsbudget
- de keuzes die je medewerkers kunnen maken
- en de manier waarop je je wagenpark inricht
In de praktijk zien we dat dit nu al leidt tot andere keuzes, zoals kleinere modellen of een versnelling richting elektrisch rijden.
Waarom deze maatregel er komt?
De gedachte achter de regeling is duidelijk. De overheid wil bedrijven versneld richting emissievrije mobiliteit bewegen. Door auto’s met uitstoot duurder te maken, verschuift de keuze vanzelf richting elektrisch.
Voor bedrijven betekent dit dat mobiliteit steeds meer een strategisch onderwerp wordt in plaats van alleen een operationele keuze.
Wat kun je nu al doen?
De grootste fout die je kunt maken, is wachten tot 2027. De impact zit in je keuzes van vandaag.
Een aantal logische stappen om nu al te nemen:
Kies bewuster voor elektrische auto’s
Bij nieuwe contracten is dit het meest directe verschil. Volledig elektrische auto’s vallen buiten de regeling en voorkomen de extra kosten volledig.
Overweeg een mobiliteitsbudget in plaats van een vaste auto
Steeds meer bedrijven stappen (deels) af van de traditionele auto van de zaak. Met een mobiliteitsbudget geef je medewerkers flexibiliteit en beperk je je risico op toekomstige heffingen.
Neem je medewerkers mee in de verandering
De keuzes die je maakt, hebben invloed op wat medewerkers kunnen rijden. Door tijdig uit te leggen waarom beleid verandert, voorkom je discussie achteraf.
Houd rekening met extra kosten in je financiële planning
De pseudo-eindheffing is een structurele kostenpost. Door deze nu al mee te nemen in je prognoses, voorkom je verrassingen en kun je beter sturen op je mobiliteitsbudget.
Handhaving: wat kun je verwachten?
Een punt dat vaak onderbelicht blijft, is de handhaving.
De Belastingdienst geeft zelf aan dat dit in de praktijk complex kan zijn. Het is niet altijd eenvoudig vast te stellen wanneer een auto precies ter beschikking is gesteld aan een medewerker.
Dat betekent dat goede vastlegging belangrijk wordt.
Denk aan:
- inzetdata van voertuigen
- wie de gebruiker is
- contractvormen
Een sluitende administratie voorkomt discussie en mogelijke naheffingen achteraf.
Praktische situaties
Een paar situaties die regelmatig terugkomen:
Alleen zakelijk gebruik
Alleen zakelijk gebruik valt buiten de regeling, maar woon-werkverkeer maakt dit in de praktijk lastig.
Plug-in hybrides
Deze vallen onder de regeling vanwege CO₂-uitstoot.
Werkgeverswissel
Bij een nieuwe werkgever wordt de auto opnieuw “in gebruik genomen”, en kan de heffing alsnog gelden.
Conclusie
De pseudo-eindheffing is geen theoretische wijziging, maar een maatregel die direct invloed heeft op je kosten en beleid.
Dat is precies waarom je nu al ziet dat bedrijven in beweging komen.
Niet omdat het moet, maar omdat het logisch is om vooruit te kijken en verrassingen te voorkomen.
Veelgestelde vragen over de pseudo-eindheffing
Moet ik als werkgever betalen als een medewerker privé een auto heeft?
Nee. De pseudo-eindheffing geldt alleen voor auto’s die jij als werkgever ter beschikking stelt.
Heeft een medewerker een eigen auto, dan is er geen sprake van een auto van de zaak en betaal je dus geen extra belasting. Ook een kilometervergoeding valt hier niet onder.
Geldt de pseudo-eindheffing ook als een auto alleen voor werk wordt gebruikt?
In theorie niet. Als er aantoonbaar geen privégebruik is, geldt de heffing niet.
In de praktijk ligt dit anders. Woon-werkverkeer wordt namelijk gezien als privégebruik. Daardoor valt een auto in de meeste gevallen alsnog binnen de regeling.
Alleen bij een volledig sluitende rittenregistratie zonder privéritten vervalt de heffing.
Hoe zit het met hybride of plug-in hybride auto’s?
Deze vallen gewoon onder de pseudo-eindheffing.
Ook al rijd je deels elektrisch, er is nog steeds sprake van CO₂-uitstoot. Daardoor worden hybride en plug-in hybride auto’s fiscaal gelijk behandeld aan benzine- en dieselauto’s binnen deze regeling.
Wat gebeurt er als een medewerker wisselt, maar de auto blijft hetzelfde?
Blijft de auto binnen dezelfde organisatie en is deze vóór 2027 voor het eerst ingezet?
Dan blijft de overgangsregeling gelden en verandert er niets.
Gaat de auto mee naar een nieuwe werkgever, dan wordt deze daar gezien als “opnieuw ter beschikking gesteld”. In dat geval kan de pseudo-eindheffing alsnog gaan gelden.
Geldt de pseudo-eindheffing ook voor tijdelijke auto’s of vervangend vervoer?
Ja, dat kan.
Stel dat een medewerker tijdelijk een brandstofauto krijgt, bijvoorbeeld als vervangend vervoer, en deze ook privé mag gebruiken. Dan geldt de pseudo-eindheffing voor die maand.
Zelfs als de auto maar een paar dagen gebruikt wordt, telt de hele maand mee.
Kun je de kosten doorbelasten aan de medewerker?
Nee, dat mag niet.
De pseudo-eindheffing is een belasting voor de werkgever en moet ook door de werkgever worden gedragen. Dit staat los van de bijtelling die de medewerker betaalt.
Direct op de hoogte.
Altijd.
Mis niets van het laatste nieuws. Schrijf je in voor de nieuwsbrief en we beloven je dat we je niet te vaak zullen spammen.